Mrt 162010
 

Het politieke landschap van Nederland heeft in nog geen twee weken tijd mede door u schokkende veranderingen ondergaan. Het begon direct na de gemeenteraadsverkiezingen, toen Agnes Kant – teleurgesteld door de tegenvallende verkiezingsuitslag en doodmoe van al die krampachtige pogingen om zich in een keurslijf te wringen dat niet bij haar paste – er zichtbaar ontdaan de brui aan gaf. Haar opvolger Emile Roemer heeft het oude SP-ideaal van een links kabinet meteen maar weer van stal gehaald. Nauwelijks bekomen van de schrik gaf Camiel Eurlings – uw collega-minister en de vermeende kroonprins van het CDA –  te kennen de politiek te verlaten. Hij verkoos het stichten van een gezin met zijn geliefde boven de alles opslokkende hectiek van het Haagse gebeuren. Een begrijpelijke en te respecteren keuze. Nog op dezelfde avond overleed Hans van Mierlo, democraat in hart en nieren en peetvader van D66. Als klap op de vuurpijl gaf u de volgende morgen te kennen er eveneens om privé-redenen mee te stoppen. U wil eindelijk uw kinderen zien opgroeien. Een te waarderen keuze.

Gelukkig hoeven we ons niet druk te maken over het landsbelang, want u wist al veel eerder dat u niet nog eens 8 jaar in de politiek wilde blijven en hebt in stilte uw opvolging in de persoon van Job Cohen geregeld. Een schot in de roos, want de PvdA zet de stijgende lijn in de peilingen – door u reeds ingezet – met onverminderde kracht voort. In tegenstelling tot wat u wel eens is verweten, laat Job Cohen inzijn eerste optredens geen onduidelijkheden bestaan. Hij kondigt direct aan te gaan voor een zo links mogelijk kabinet, is wars van enige vorm van populisme en zet interviewers als Pauw en Witteman vastberaden op hun nummer, wanneer zij hem ten onrechte van iets betichten. Maar ook voelt hij zich niet te groot om openlijk zijn diepe excuses aan te bieden voor het feit dat hij zijn eerste persconferentie niet is begonnen met stil te staan bij het overlijden van Hans van Mierlo. Vastberaden kondigt hij aan een bijdrage te willen leveren aan een fatsoenlijke samenleving, een samenleving in balans. Kortom een leider die uitstraalt: “hier sta ik en met mij valt niet te spotten”. Hoe geniaal deze strategische zet van u is zal blijken op 9 juni.

Zelf hebt u in de afgelopen 12 jaar grote hoogte- en dieptepunten gekend op het politieke vlak. De peilingen tijdens uw fractievoorzitterschap hebben geschommeld tussen 60 en 15 zetels, niet eerder vertoonde verschillen in zo korte tijd. Met name uw plannen om een einde te maken aan de perverse solidariteit, waarmee u de subsidiëring van de rijken door de armen omschrijft en die onder andere tot uitdrukking komt in het huidige stelsel van de AOW en de hypotheekrenteaftrek, is u op forse kritiek komen te staan. Vlak na de introductie en daarop volgende afzwakking van die plannen verloor u de verkiezingen en moest u genoegen nemen met de functie van minister van financiën. Daar hebt u naar ik aanneem uw meest glorieuze uren meegemaakt in het bestrijden van de kredietcrisis, waar heel Nederland u dankbaar voor is (hoewel uw besluit om de gedupeerde Icesave-spaarders te compenseren door sommigen wordt uitgelegd als een beloning van riskante hebzucht). Ruim een jaar later analyseert u de kredietcrisis in de Den Uyl-lezing en neemt u duidelijker dan ooit afstand van het neoliberalisme. Om vervolgens met een gerust hart het stokje door te geven aan uw opvolger Cohen.

Wat ons Nederlanders nu natuurlijk bezighoudt is de vraag: Wat gaat Wouter doen als hij bijgekomen is van alle inspanningen? U weet dat menige sociaal-democratische leider na zijn afscheid alsnog bezweken is voor het grote geld. Denk aan uw voorganger Wim Kok met zijn commissariaten (duurbetaalde erebaantjes van enkele dagen per maand) bij Shell, ING, TNT en KLM, denk aan de Duitse sociaal-democraat Gerhard Schröder (voorzitter Raad van Commissarissen van Gazprom, Rothschild-bank).   Sommige kringen beweren dat het grootkapitaal met opzet aftredende sociaal-democratische  leiders in deze posities lokt, om daarmee de sociaal-democratie als beweging in diskrediet te brengen. Of stelt u zich op als de gewezen voorzitter van de Europese Unie, de Frans sociaal-democraat Jacques Delors, die dit soort baantjes op grond van zijn beroepsethiek heeft geweigerd? Voor uw eigen geloofwaardigheid en die van de sociaal-democratie hoop ik van ganser harte dat u deze zomer Nout Wellink opvolgt als president van de Nederlandsche Bank. Een respectabele baan, waarnaast u ook daadwerkelijk tijd overhoudt om uw kinderen te zien opgroeien, naar ik aanneem. En dat houdt de deur open om over pakweg 12 jaar alsnog de nieuwe minister-president van Nederland te worden.

 Leave a Reply

(vereist)

(vereist)